Gisteren had ik het er nog met vrAu3 over: volgens mij de eerste écht historische gebeurtenis waar ik live (via de televisie dan wel) bij ‘aanwezig’ was. Of ik het helemaal snapte? Geen idee, ik was 13. Maar indruk maakte het wel.
Jekkers heb ik hier al vaak genoeg gepost. Daarom nu een andere versie van Over De Muur.
UPDATE: Het Reformatorisch Dagblad plaatst pagina’s uit de tijd van de val van de muur. Goed gedaan!
Dat Studio Spaan een comeback maakt tijdens het WK voetbal volgend jaar is natuurlijk fantastisch nieuws. Eén van de leukste sportprogramma’s, dat zelfs voor niet-sportminnenden volgens mij heel aardig te pruimen was. Of niet, Ton?
Het commentaar op de website van HP/De Tijd, dat het nieuws bekendmaakte (hoewel er nog geen uitzendgemachtigde is, maar dat is een futiliteit lijkt me) dat ik schreef:
Verheug me er nu al op.
Dat overleg tussen de diverse voorzitters waar ‘Van Raaij’ het in het filmpje over heeft, zou vandaag de dag hoogstwaarschijnlijk het overleg met de 9 V’s zijn: de Voorzitter van Ajax, de Voorzitter van PSV, de Voorzitter van Feyenoord en de Voorzitter Van VVV Venlo.
Bedenk ik me nu wel, dat we mogen hopen dat het overleg niet door Humberto Tan wordt voorgezeten.
Het kon natuurlijk slechter, mijn debuut als sportjournalist. In 1989 liep ik stage bij de Winschoter Courant. Journalist wilde ik worden, toen al in de tweede klas van de MAVO. Eigenlijk sportjournalist, maar in die dagen was sport nog niet zo ‘hot’ als nu. En dus had ik de stoute schoenen aangetrokken en aan ‘meneer’ Hennie Lemein gevraagd of ik wellicht een weekje sfeer mocht proeven op de redactie van de toentertijd hoog aangeschreven regionale krant.
En dat mocht! Het betekende vooral veel kijken hoe het er in de wereld van de echte journalistiek aan toe ging. Ik kan me bijvoorbeeld nog een ritje met fotografe Anne-Marie Kamp herinneren door het Groningse land. We stuiterden van hot naar her en ik was op zijn zachtst gezegd niet echt onder de indruk van de rijstijl van haar. Het kotsen stond me nader dan het lachen, maar het ritje leverde wél mijn eerste foto in de krant op. De lokale schoolmeubilairmaker Marko had toen een anti-wipstoel (nee, vunzigerds: dat was een stoel waarmee je niet op de twee achterste poten kon gaan zitten) uitgevonden en die mocht ik als proefpersoon uitproberen. Kamp schoot een plaatje en ik stond een dag later in de krant.
Noordoost-Groningen krijgt in de komende vijftien jaar te maken met een sterke afname van de bevolking.
Verwacht wordt dat de krimp uitkomt op 11%. In de regio Delfzijl is de afname zelfs veertig procent, staat in een rapport dat op verzoek van de regering is opgesteld door onder anderen oud-minister Hans Dijkstal.
Als gevolg van de bevolkingsafname in die regio moeten 7100 huizen worden gesloopt. Dat kost waarschijnlijk een miljard euro.
Zoals u wel bekend zal zijn, ben ik een import-tukker. Oorspronkelijk woonde ik in Noord-Oost Groningen, het gebied dat ook wel Oldambt genoemd wordt (sterker nog: het heet gewoon zo). Ooit was het de graanrepubliek van Europa, maar de tijd van herenboeren is voorbij. Om de lokale economie op te plussen, werd besloten om een deel van het oorspronkelijke landbouwgrond onder water te zetten. Het Oldambtmeer was ontstaan. Rondom dat meer moesten nieuwe woonwijken komen. Met als doel westerlingen naar Oost-Groningen te trekken. Zodat ze er gingen wonen en vooral hun geld gingen uitgeven.
Op zich een goed plan (ik schreef er bijvoorbeeld dit verhaal over), maar ontzettend slecht uitgevoerd. Want wat deden de hoge heren? Alleen maar enorme kavels verkopen, waarop dan de meest excentrieke en vooral enorme huizen moesten komen te staan. Les 1 van het bouwen van een nieuwe woonwijk: om deze rendabel te krijgen, moeten er ook woningen komen voor een beperkter budget. Al was het alleen maar om een meer gemêleerd inwonersgezelschap te krijgen. Bovendien: al die kasten van huizen passen helemaal niet in die omgeving, al is het alleen maar omdat de Groninger daar veel te nuchter en niet-excentriek voor is. Bovendien heerst er in de streek van oudsher een aversie tegen grote huizen, omdat de herenboeren in enorme boerderijen (wel prachtige gebouwen, trouwens) woonden. En de boeren, daar hadden de arbeiders – de gewone mensen dus – een gloeiende schurft aan.
En nu gaat het dus slecht met het project Blauwestad. En dat is verschrikkelijk jammer, omdat het idee om Oost-Groningen zo op te plussen in de basis wel een goed plan is. Alleen door verkeerd management volkomen mislukt. Of is er nog hoop? Misschien dat de provincie wel inziet dat er ook goedkopere woningen moeten komen.
Gescheiden inzameling van plastic verpakkingen levert grondstof op voor nieuwe flessen en flacons en daarnaast ook voor allerlei andere producten zoals vloerbedekking, fleecekleding en automaterialen. Daarnaast vermindert hergebruik van de verpakkingen de uitstoot van CO2 en levert daarmee een bijdrage aan het terugdringen van de klimaatproblematiek.
De kosten voor het inzamelen van de plastic verpakkingen ontvangt de gemeente terug van het bedrijfsleven. Mede hierdoor kan met ingang van 2010 de afvalstoffenheffing worden verlaagd.
Om het heilige doel te bereiken, werd alle Hengeloërs opgeroepen om hun plastic-afval voortaan te verzamelen in … een plastic zak. Die worden dan twee keer per maand door TwenteMilieu opgehaald. Lijkt op zich een logische combinatie, plastic in plastic. Alleen: waar laat je die zakken als ze vol zijn? Vooral als je, zoals wij, niet zo gek veel bergruimte hebt. Was het geen beter idee geweest om in plaats van steeds weer nieuwe zakken te verstrekken, te kiezen voor een derde afvalcontainer? Scheelt een hoop ruimteverlies en bovendien spaar je zo weer plastic zakken uit.
U zei?